• << Terug

    Kievit boegbeeld voor vergroening melkveehouderij

    Door Ruud van Cuijk, 2020-09-10 21:39:00
    Bron: "De Boerderij" Er is een nieuw EU-landbouwbeleid in de maak, dat vergroening wil stimuleren. In pilots zoeken boeren in de praktijk hoe dat het beste kan. In de kop van Overijssel gaat het om weidevogels. Het agrarisch collectief leidt de pilot De kievit als boegbeeld voor vergroening van de melkveehouderij. De pilot moet uittesten hoe vergroeningsmaatregelen het broedgebied van de kievit kunnen verbeteren, zodat die later in het nieuwe Europees Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) kunnen worden toegepast. Het gaat in de pilot om maatregelen als kruidenrijke stroken/randen en een aangepast bemestingsregime. Uitgangspunt is het vergroten van de biodiversiteit. Projectleider Esther Graaskamp: “We hebben een werkgroep opgericht met mensen met een diverse achtergrond om invulling te geven aan de pilot. Er zaten boeren in, maar ook een Kievitkenner en een GLB-deskundige.”

    Keuze uit kievitpakketten

    De 52 deelnemende boeren konden kiezen uit vijf zogenoemde kievitpakketten. Het pakket waarin ze 2% stroken van het areaal moeten laten staan, variërend van 3 tot 9 meter breedte en ruige stalmest moeten uitrijden op 10% van het pilotgebied, was het populairst; het was het makkelijkste inpasbaar in de bedrijfsvoering. Met een vergoeding van € 150 per hectare.

    De boeren hadden de vrijheid waar ze het pakket neerlegden. Wel was een workshop over de kievit verplicht. Graaskamp: “Eerst ging het vooral over de bedrijfsvoering, maar langzaam raakten ze geïnteresseerd. Dat je bijvoorbeeld de stroken beter niet onder bomen kunt neerleggen vanwege predatoren. Er ontstond een prachtige interactie tussen de deelnemers, die leidde tot een netwerk van aaneengesloten stroken, waarin de kuikens kunnen schuilen en daar was ik natuurlijk superblij mee.”

    Praktisch haalbaar

    Ook melkveehouder Wim van Ittersum zat in de werkgroep en wierf collega melkveehouders voor de pilot. Z’n actieve rol was een klein beetje eigenbelang. “Hoe leuk natuurbeheer ook is, ik ben in de eerste plaats melkveehouder en de vergroeningsmaatregelen moeten wel passen in mijn bedrijf. Daarom was het handig om mee te denken over wat praktisch haalbaar is. Zo ging het bijvoorbeeld over de einddatum van15 juni, gelijk aan het agrarisch natuurbeheer (ANLb) en de breedte van de stroken.”

    Het project staat nog redelijk dicht bij het boer zijn en hij vindt het belangrijk dat de GLB-vergroeningsgelden toch bij de boer terechtkomen. Van Ittersum: “Op ons bedrijf was het bijna een knelpunt en moesten we ruimte vinden om eraan mee te doen”, vertelt hij met een grijns. Want hij is gek met weidevogels en doet al jaren aan agrarisch natuurbeheer. Ook Van Ittersum koos voor het populaire kievitpakket.

    Eén van de voorwaarden en doelen van het nieuwe GLB is dat het makkelijk past in de bedrijfsvoering zodat er straks veel agrariërs meedoen. Het moet daarnaast laagdrempelig zijn, makkelijk te controleren en er moet een reële vergoeding tegenover staan. Over dat laatste is de boer zeer te spreken. Ook wat betreft de tijd die hij erin steekt.

    Een kanttekening, die van Ittersum wil maken, is dat het makkelijker wordt als je als boer genoeg oppervlakte hebt omdat je er toch kwalitatief minder gras vanaf haalt. En als je daarmee je jongvee en droge koeien nog kunt voeren is dat prima, maar voor een boer die krap in zijn land zit en intensief boert, wordt het een stuk lastiger. Ook met beweiden.

    ‘Het was schrapen met de stalmest’

    “Het is een dramatisch weidevogeljaar”, zegt Wim van Ittersum als we op zijn land lopen. Er komt net een vlucht kieviten over. Het is half augustus en de vierde snede is gemaaid. Hij doelt op het droge voorjaar, corona en ‘gelukkig’ minder muizen, maar daardoor was er minder voedsel voor predatoren.

    Op de huiskavel (61 ha) heeft hij het kievitpakket liggen van 2% stroken, dat betekent dat hij 1,2 hectare aan stroken moest realiseren en 10% stalmest uitrijden. Het gebruik van stalmest – die zorgt voor meer wormen en bodemleven – was nog een uitdaging. Van Ittersum: “Het was schrapen want ik gebruik ook stalmest op mijn ANLb percelen. Op 10% van de huiskavel ligt achterin plasdras en kruidenrijk en voorin grazen mijn koeien. Gelukkig is de GLB-pilot laagdrempelig en mocht ik naast de stroken ook nog drijfmest uitrijden.” Wel heeft hij wat stalmest laten aanvoeren en met die extra vergoeding kon dat economisch uit.

    Naast de GLB-basispremie van € 260/ha verdient hij € 150/ha van zijn pilotgebied. “En dat is prima, maar het vergt ook een andere manier van denken en creativiteit. Je moet het ook willen”, waarschuwt hij. De bedragen voor het nieuwe GLB liggen nog niet vast.

    Daarnaast kost natuurbeheer tijd en je rendement is lager. “Je hebt verschillende groeitrappen op je percelen, die je tot in augustus terugvindt. Bepaalde stroken groeien minder hard, je zit met bemesten en maaien en de stroken moeten uitgerasterd, want de koeien mogen er niet voor 15 juni in.”

    “Kijk, er zit iets in”, zegt Van Ittersum als we tegen een vossenval aanlopen. Bij het openen springt er een haas weg. Naast de vos, maken ook ooievaars en marterachtigen het de kievit lastig. “Vijanden genoeg en daar moeten we keuzes in maken. Ging het er vroeger om dat de eieren uitkwamen, nu moeten we zorgen dat de kuikens groot worden. We maaien met twee man op de trekker, één als spotter erbij. Mijn jongens zijn er ook goed in.‘’

    • 175 stuks melkvee
    • 103 hectare totaal
    • 61 hectare huiskavel, 10 ha mais, 6,5 ha pacht en 16 ha ANLb en 9 ha hooiland

    Kievit gekozen

    Het collectief koos bewust voor de kievit omdat er al veel aandacht is voor de grutto en de kievit qua aantallen achterblijft. Ook komt de vogel wijdverspreid voor zodat vergroeningsmaatregelen ook elders kunnen worden ingevoerd, vertelt projectleider Graaskamp. “Het is echt een iconische vogel, die hier hoort en we hebben absoluut een zorgplicht”, vult Van Ittersum aan.

    Het collectief evalueert nog of de kuikens gebruik hebben gemaakt van de randen en ruige mest. Ook is nog niet duidelijk of de maatregelen meer vliegvlugge jongen hebben opgeleverd.

    Mijn opa en mijn vader groeiden op met weidevogels, die draaiden gewoon mee met het boerenbedrijf en dat is veranderd. Het is onder druk van de maatschappij intensiever geworden, legt Van Ittersum uit. “Je kan je kop wel in het zand steken, maar je bent als boer onderdeel van de samenleving. De ruimte die we krijgen om te boeren wordt letterlijk en figuurlijk steeds kleiner en daar kan ik van alles van vinden, maar dat is wat gebeurt. Dus moet je die ruimte die je krijgt ook pakken. Er zal altijd een plek blijven voor agrarische bedrijven, dat is mijn overtuiging.”

    Vergroening centraal in nieuwe GLB

    Het huidige Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) loopt af en in het nieuwe GLB, dat op 1 januari 2023 in werking treedt, staat vergroening centraal. Agrariërs krijgen een financiële vergoeding als ze specifieke maatregelen nemen die gericht zijn op groene doelen. Denk aan biodiversiteit, water, bodem, lucht, klimaat en landschap. Landelijk zijn er zeven pilots. Zes worden uitgevoerd door agrarische collectieven en één door landbouwkoepel LTO. In totaal doen er 500 boeren aan mee. Iedere pilot heeft een eigen doel, afgestemd op het landschap. De betalingen zijn sterker dan nu gekoppeld aan (groene) tegenprestaties van boeren. Het gaat om de verduurzaming, om een toekomstbestendige landbouw. De proefprojecten lopen tot en met 1 april 2021.